Checklist om je huis winterklaar te maken
Begin met het aftappen van de buitenkranen vóór de eerste nachtvorst. Open de afsluiter en laat het resterende water volledig weglopen. Een bevroren leiding kan barsten en leidt tot waterschade die duizenden euro’s aan herstelkosten met zich meebrengt. Controleer ook de kruipruimte: isoleer onbeschermde waterleidingen met schuimrubberen buisisolatie van minimaal 13 millimeter dik. Laat de thermostaat in leegstaande vertrekken niet onder de 10 graden Celsius zakken, anders bevriest het water in de cv-installatie.
Inspecteer het dak en de dakgoten op bladeren, mos en vuil. Een verstopte goot zorgt voor ijsdamvorming, waardoor smeltwater onder de dakpannen kan sijpelen. Installeer daarom gaasroosters over de afvoerpijpen en controleer of alle dakpannen nog goed vastliggen. Vervang gebroken of verschoven pannen direct – een daklekkage tijdens een storm is lastig te repareren en kan isolatie en houtwerk permanent beschadigen. Controleer tevens de kitnaden rondom dakramen en schoorstenen op scheuren en vernieuw deze indien nodig.
Sluit kieren en naden rond kozijnen en deuren af met tochtstrips of siliconenkit. Een kier van 2 millimeter rond een standaard buitendeur betekent een warmteverlies van wel 5 procent. Gebruik een tochtfles of rookpotje om de luchtstromen te detecteren. Besteed extra aandacht aan de brievenbus: een borstelstrook voorkomt dat koude lucht via de klep naar binnen trekt. Door deze maatregelen bespaart u direct op stookkosten, die bij een gemiddeld Nederlands huis in de wintermaanden met 30 procent kunnen stijgen.
Laat de cv-ketel preventief onderhouden door een erkend installateur. Vervang de waterdruk als deze onder de 1,5 bar zakt en ontlucht de radiatoren. Een slecht afgesteld systeem verbruikt tot 10 procent meer gas. Zet de radiatorkranen in ongebruikte ruimtes op de vorststand en open de interne deuren overdag, zodat de warmte gelijkmatig circuleert. Gebruik radiatorfolie aan de muurzijde: dit reflecteert de warmte terug de kamer in en kan het rendement met 10 procent verhogen. Controleer ook het expansievat; een defect hieraan veroorzaakt drukstoten en kan de slang van de afvoer doen klapperen.
Bescherm tuinmeubilair, barbecues en bloempotten tegen vorst. Sla ze op in een schuur of onder een waterdicht zeil. Maak de regenton leeg: bevroren water zet uit en kan de ton doen barsten. Laat de tuinslang leeglopen en bewaar deze binnen. Snoei vorstgevoelige planten pas in het voorjaar, maar bedek ze nu met worteldoek of jute. Controleer of de buitenverlichting geschikt is voor lage temperaturen en vervang eventuele beschadigde bedrading om kortsluiting te voorkomen.
Leidingen en cv-ketel: vorstschade voorkomen vóór de eerste nachtvorst
Isoleer alle waterleidingen in onverwarmde ruimtes, zoals de kruipruimte, garage en zolder, met minimaal 13 millimeter geslotencellige buisisolatie. Controleer hierbij of ook de bochten en T-stukken goed zijn ingepakt, want juist daar ontstaan vaak scheuren. Voor leidingen die buiten lopen, gebruik je speciale vorstbestendige isolatie met een dampdichte buitenlaag om condensvorming tegen te gaan.
Laat de cv-ketel jaarlijks onderhouden door een erkend installateur, bij voorkeur vóór oktober. Tijdens dit onderhoud worden het expansievat, de druk en de ontsteking gecontroleerd. Een cv-ketel die op maximale capaciteit draait tegen een gesloten vorstbeveiliging, verbruikt tot 15 procent meer gas dan een goed afgesteld exemplaar.
Controleer de waterdruk van je verwarmingssysteem; deze moet tussen 1,5 en 2,0 bar liggen bij een koude installatie. Een te lage druk duidt vaak op een lekkage of een defect expansievat, wat bij vorst kan leiden tot bevriezing van de warmtewisselaar. Vul het systeem bij via het vulpunt, maar ontlucht elke radiator direct erna om luchtbellen te verwijderen.
Zet de thermostaat in onbewoonde periodes niet lager dan 12 graden Celsius. Dit voorkomt dat water in leidingen stilstaat en bevriest. Moderne hoogrendementsketels hebben echter een ingebouwde vorstbeveiliging die pas actief wordt bij 5 graden, maar dan is de schade aan leidingen vaak al begonnen. Programmeer de thermostaat daarom zo dat de temperatuur nooit onder de 10 graden zakt, zelfs ’s nachts niet.
Voor panden die volledig onbewoond blijven, draai je de hoofdkraan dicht en tap je alle leidingen volledig af. Open hiervoor elke kraan in het gebouw, beginnend op de bovenste verdieping en eindigend bij het laagste punt. Spoel na het aftappen nog één keer kort met perslucht van 3 bar door de leidingen om restwater in bochten te verwijderen.
Extra bescherming voor buitenkranen en aftakkingen
Monteer vorstbestendige buitenkranen met een terugslagklep en een leegloopsysteem dat automatisch het water laat weglopen zodra de kraan wordt afgesloten. Worden deze niet vervangen, sluit dan de individuele afsluiter binnenshuis, open de buitenkraan en laat deze open staan tot het voorjaar. Vergeet niet de tuinslang af te koppelen en binnen op te bergen; een slang met restwater bevriest en barst, waardoor de verbindingsnippel afbreekt.
Voeg aan het cv-water een vorstbestendige vloeistof toe, zoals propyleenglycol, indien het systeem een warmtepomp of een open verbrandingsketel betreft. Dit verlaagt het vriespunt van het water tot -15 graden Celsius en beschermt tevens tegen corrosie. Een mengverhouding van 30 procent glycol op 70 procent water is voldoende, maar raadpleeg altijd de handleiding van de fabrikant, omdat een te hoge concentratie de warmteoverdracht vermindert en leidt tot schade aan de circulatiepomp.
Veelgestelde vragen:
Moet ik mijn buitenkraan echt afsluiten of is het voldoende om de tuinslang eraf te halen?
Ja, je moet de buitenkraan écht afsluiten, en niet alleen de tuinslang loskoppelen. De waterleiding naar de buitenkraan loopt vaak vlak onder het maaiveld of door een onverwarmde kruipruimte. Als er water in die leiding achterblijft en het vriest, zet het water uit en kan de leiding of de kraan zelf barsten. Dat merk je pas als het dooit, en dan heb je een lekkage binnen of onder de fundering. De juiste volgorde: draai de hoofdkraan dicht, open de buitenkraan om de leiding helemaal leeg te laten lopen, en sluit daarna pas de buitenkraan weer. Laat de buitenkraan in de winter open staan als je een aftapkraan binnen hebt – dan weet je zeker dat er niks meer in zit.
Heb ik genoeg aan een thermostaatkraan voor de verwarming of moet ik ook echt alle radiatoren ontluchten? Mijn huis is pas twee jaar oud.
Een thermostaatkraan regelt de temperatuur per kamer, maar heeft niks te maken met lucht in het systeem. Lucht in radiatoren ontstaat door opgelost gas in het water, en dat gebeurt ook in nieuwe installaties, al duurt het soms een paar jaar voordat het merkbaar is. Als je radiatoren niet ontlucht, ontstaan er plekken waar het water niet komt. Die plekken worden koud terwijl de rest van de radiator warm is. De thermostaatkraan meet dan een gemiddelde temperatuur en blijft gewoon stoken, waardoor je onnodig gas verbruikt. Ook kan de circulatiepomp harder moeten werken. Zelfs in een huis van twee jaar oud is het verstandig om vóór de vorstperiode alle radiatoren te ontluchten, ook de bovenste verdieping. Het kost je een half uurtje en voorkomt dat de cv-ketel in de koudste week ineens storing geeft.
Mijn dakgoten zitten vol met bladeren, maar ik woon in een rijtjeshuis met maar één verdieping. Is dat echt een probleem voor de winter?
Ja, juist bij een laag huis is het een probleem, maar om een andere reden dan je denkt. Het gaat niet om hoogte, maar om de afvoer. Bladeren in de goot vormen een prop die water vasthoudt. Wanneer het vriest, bevriest dat water en zet het uit. De druk kan de goot doen scheuren of de verbindingen tussen gootdelen loswerken. Bij een rijtjeshuis loopt het water van de hele rij door één regenpijp; als jouw goot verstopt zit, kan het water bij de buren overstromen of via de muur naar binnen trekken. Daarnaast: als er ijs ontstaat in de regenpijp, breekt die vaak bij de bochten. Je hoeft niet op een ladder van drie meter hoog, maar het schoonmaken van een goot op één verdieping is een kwartiertje werk. Gebruik een tuinslang om de bochten door te spoelen en controleer of het water echt wegloopt.
We hebben een houtkachel en slaan het hout buiten op onder een zeil. Moet ik dat hout nu al naar binnen halen of kan het wel tegen vorst?
Het is niet de vorst die je hout aantast, maar het vocht dat erin zit. Hout dat buiten ligt onder een zeil, vangt vocht op vanuit de grond. Dat vocht vriest in de winter, en door de uitzetting scheurt het hout. Dat klinkt misschien niet erg, maar gescheurd hout verbrandt ongelijk en geeft minder warmte. Bovendien is nat hout lastig aan te steken en produceert het veel rook en creosoot in je schoorsteen, wat een schoorsteenbrand kan veroorzaken. Haal niet al je hout naar binnen: dat neemt te veel ruimte in en het hout moet kunnen ademen. Zet een voorraad van twee weken in een droge schuur of garage (niet in de woonkamer, dat trekt houtworm aan). Zorg dat het los van de grond ligt, op pallets. Dek het buitenhout af met een zeil dat aan de zijkanten open blijft, zodat lucht kan circuleren. Hout dat goed gedroogd is voor de winter, kan tegen een beetje vorst.
Ik heb tochtstrips rond mijn voordeur geplaatst, maar bij de brievenbus komt nog steeds kou naar binnen. Wat kan ik daar nou echt aan doen?
De brievenbus is een klassieke koudebrug. Een tochtstrip aan de binnenzijde van de deur helpt, maar alleen als die ook echt rond de brievenbusopening sluit. De meeste tochtstrips zijn niet flexibel genoeg om de klep van een brievenbus goed af te dichten. Een praktische oplossing is een borstelstrook die je aan de binnenkant van de brievenbus kleeft – die vangt de tocht op maar laat post wel door. Wil je het grondiger aanpakken, vervang dan de brievenbus zelf door een model met een "koudebrugonderbreker": een dubbele klep of een borstel die aan beide kanten sluit. Er zijn ook brievenbusklep-isolatiekits, maar die werken alleen als de klep goed sluit; bij oudere brievenbussen is dat vaak niet het geval. Check ook of er tussen de brievenbus en de deur zelf geen opening zit: die kan je opvullen met een beetje hoogwaardige kit. In de ergste kou helpt het om aan de binnenkant een zware gordijnstrook voor de deur te hangen, maar dat is meer een lapmiddel.
