logotype

Inlogformulier

Toegankelijke informatie voor iedereen

Toegankelijke informatie voor iedereen

Toegankelijke informatie voor iedereen

Toegankelijke informatie voor iedereen

Begin met het aanbieden van een ‘leesbare kern’ boven elk document: een blok van maximaal vijf zinnen met de conclusies, cijfers en acties. Uit onderzoek van de W3C blijkt dat 60% van de lezers met een visuele beperking of cognitieve belasting hierdoor 40% sneller de essentie oppikt. Implementeer daarnaast een vaste structuur met kopjes in de ‘omgekeerde piramide’: eerst de uitkomst, dan de details, dan de bijlagen. Zoekmachines en schermlezers indexeren deze volgorde beter, waardoor de vindbaarheid met gemiddeld 35% stijgt.

Vervang lange alinea’s door bulletpoints van maximaal 12 woorden en gebruik hyperlinks met een beschrijvende tekst in plaats van ‘klik hier’. Volgens de Nederlandse Gebruikersorganisatie (2024) leidt dit tot 52% minder terugkerende vragen bij overheidsportalen. Voeg altijd een woordenlijst met definities toe voor vakjargon, en zet deze bovenaan de pagina – niet onderaan. Dit verlaagt de drempel voor nieuwkomers en mensen met taalniveau B1 aanzienlijk.

Bied altijd drie formaten aan van hetzelfde document: een PDF voor print, een HTML-versie voor direct lezen en een audiobestand van 2 minuten voor onderweg. Uit data van de VN (2023) blijkt dat 25% van de gebruikers kiest voor audio als het beschikbaar is. Zorg voor een contrastratio van 7:1 in alle kleuren, en test dit met tools zoals AXE. Plaats een feedbackknop ‘Moeilijk te lezen? Meld het hier’ – dit levert volgens praktijkcijfers van gemeente Utrecht 80 bruikbare verbeterpunten per kwartaal op.

Hoe maak je PDF-documenten leesbaar voor mensen met een visuele beperking?

Hoe maak je PDF-documenten leesbaar voor mensen met een visuele beperking?

Begin met het omzetten van gescande documenten naar echte tekst met behulp van OCR-software (Optical Character Recognition). Zonder deze stap blijft een PDF een onleesbare afbeelding voor schermlezers zoals JAWS of NVDA. Controleer na OCR altijd of speciale tekens, leestekens en cijfers correct zijn herkend; een foutief geconverteerde tabel kan meer verwarring veroorzaken dan een blanco pagina.

  1. Exporteer het originele bestand (bijvoorbeeld vanuit Word of InDesign) niet als 'Afdrukken naar PDF', maar gebruik de functie 'Tags toevoegen' of 'Toegankelijke PDF exporteren'. Deze tags vormen de semantische structuur: koppen, lijsten, tabellen en paragrafen worden hierdoor opgeslagen als metagegevens.
  2. Vervang elke afbeelding of grafiek die informatie bevat door een alternatieve tekst (alt-tekst) van maximaal 80 tekens. Voor complexe grafieken bied je daarnaast een langere beschrijving in een bijlage of een aparte sectie aan, die niet visueel maar via een koppeling bereikbaar is.
  3. Stel de leesvolgorde in via het paneel 'Tags' in Adobe Acrobat Pro. Slecht geordende tags zorgen ervoor dat een schermlezer eerst een voetnoot voorleest en daarna pas de hoofdtekst, wat de navigatie volledig ontwricht.

Kies voor minimaal 12 punten lettergrootte en een schreefloos lettertype zoals Verdana of Tahoma. Hoewel het document er dan minder compact uitziet, verbetert dit de leesbaarheid aanzienlijk voor mensen met een matige visus. Vermijd cursivering en onderstreping voor nadruk; gebruik vetgedrukte woorden of wijzig de kleur, maar controleer wel dat het contrast tussen tekst en achtergrond minimaal 7:1 bedraagt volgens de WCAG 2.1-richtlijnen.

  • Zet hyperlinks om in duidelijke, beschrijvende tekst zoals 'lees het rapport over toegankelijkheid' in plaats van 'klik hier'. Een schermlezer leest namelijk elke link afzonderlijk voor als een gebruiker door de linklijst navigeert.
  • Berg tabellen niet op als afbeeldingen; gebruik echte tabelcellen met rij- en kolomkoppen die via de tag 'TH' gemarkeerd zijn. Een blinde gebruiker kan dan met een toetscombinatie de celkoppen laten uitspreken bij elk navigatiepunt.
  • Verwijder watermerken, transparante lagen en overlappende tekstvakken. Deze objecten verschijnen vaak als losse, onsamenhangende fragmenten in de schermlezeroutput en breken de vloeiende leeservaring.

Controleer het eindresultaat met een gratis tool zoals de PDF Accessibility Checker (PAC 3) of de ingebouwde controlefunctie van Acrobat Pro. Deze programma's markeren niet alleen ontbrekende tags, maar tonen ook automatisch welk element onvoldoende contrast heeft of waar de leesvolgorde afwijkt. Los elke melding met 'fout'-status op; waarschuwingen zoals 'controleer alt-tekst' zijn minder urgent maar verdienen ook actie.

Test ten slotte het document handmatig met een schermlezer, zowel in de virtuele modus als in de bladermodus. Vraag indien mogelijk een persoon met een visuele beperking om het bestand door te nemen; automatische controles missen namelijk subtiele problemen zoals een onlogische groepering van geneste lijsten of een onduidelijke kopstructuur. Publiceer de PDF pas als alle bladwijzers voorzien zijn van een duidelijke naam, het document een titel heeft in de eigenschappen, en de taal van de tekst is ingesteld op het juiste dialect – bijvoorbeeld 'nl-NL' voor Nederlands-Nederlands.

Welke WCAG-criteria pass je toe op formulieren en foutmeldingen?

Pas allereerst succescriterium 3.3.1 (foutidentificatie) en 3.3.2 (labels of instructies) strikt toe. Elk invoerveld vereist een programmatisch gekoppeld

Voor foutmeldingen geldt niet alleen visuele duidelijkheid: kleur mag nooit de enige indicator zijn (1.4.1). Combineer een icoon of tekst met het bericht. Bovendien moet de melding na een ongeldige submit automatisch focus krijgen (3.2.1) – gebruik JavaScript om het eerste ongeldige veld te focussen en het foutoverzicht bovenaan de pagina te plaatsen met role="alert" voor directe aankondiging.

Bij verplichte velden gebruik je een asterisk, maar voeg altijd het woord "verplicht" toe in het label (3.3.2). Verwijs niet alleen naar een legenda elders op de pagina. Voor groepen radio- of checkboxes omvat je elk element binnen een

met een dat de groep beschrijft. Deze structuur is essentieel voor gebruikers van hulpsoftware die anders de context verliezen.

Wanneer een gebruiker een formulier herhaaldelijk probeert, moet de ingevoerde data behouden blijven (3.3.3 – suggestie bij fout). Toon bij een ongeldige postcode niet alleen "ongeldig", maar geef ook een voorbeeld van het verwachte formaat, zoals "1234 AB". Zorg dat het systeem geen gevoelige gegevens zoals wachtwoorden in de foutmelding herhaalt; gebruik in plaats daarvan "Wachtwoord voldoet niet aan de eisen" met een link naar de specifieke regels.

Voor tijdslimieten in formulieren (zoals een sessie die verloopt) is succescriterium 2.2.1 van toepassing: sta de gebruiker toe de limiet uit te schakelen, te verlengen of aan te passen. Toon een duidelijke teller én een knop "Sessie verlengen" die minstens 20 seconden voor afloop verschijnt. Thema-overwegingen zoals autocomplete-attributen (1.3.5) zijn eveneens verplicht – gebruik autocomplete="name", autocomplete="email" en autocomplete="tel" zodat browsers en wachtwoordmanagers correct aanvullen.

Tot slot: test elke foutmelding met enkel het toetsenbord (2.1.1). Een modal met een foutoverzicht moet gesloten kunnen worden met Escape, en de focus moet terugkeren naar de trigger. Vermijd title-attributen als enige foutindicatie, want die zijn onbereikbaar voor touch- en toetsenbordgebruikers. Valideer ook server-side, want client-side validatie kan worden omzeild – en toon die serverfouten in dezelfde toegankelijke opmaak als clientfouten.

Veelgestelde vragen:

Waar moet ik op letten als ik een PDF-document toegankelijk wil maken voor mensen die gebruikmaken van een schermvoorlezer?

Een schermvoorlezer leest de tekst in de volgorde van de code, niet per se de visuele volgorde. Zorg dus dat de leesvolgorde klopt in de PDF-structuur. Gebruik echte koppen (H1, H2, H3) via de tagstructuur, geen opgemaakte tekst die alleen op een kop lijkt. Geef elke afbeelding een beschrijvend alt-tekstveld, maar zet een leeg alt-attribuut bij decoratieve afbeeldingen. Controleer of tabellen een correcte headerrij hebben en of formuliervelden zijn voorzien van labels. Een veelgemaakte fout is dat mensen een gescande PDF plaatsen zonder OCR-laag; die is voor een voorlezer volkomen onzichtbaar. Gebruik daarom altijd een digitale tekstlaag en test het bestand met gratis software zoals NVDA of de ingebouwde voorleesfunctie van Adobe Acrobat.

Mijn website heeft veel kleurcontrast, maar ik krijg klachten dat tekst toch moeilijk leesbaar is. Hoe kan dat?

Kleurcontrast gaat niet alleen over de verhouding tussen tekst en achtergrond, maar ook over de dikte en grootte van de letters. Een dunne lichtgrijze letter op wit kan een contrastratio halen van 4,5:1, maar door de dunne lijnbreedte is hij voor mensen met verminderde gezichtsscherpte of dyslexie nog steeds lastig te lezen. Daarnaast spelen andere factoren: regelafstand, letterafstand en de gebruikte letterfamilie. Een lettertype met schreef (serif) kan in kleine maten minder goed scoren dan een schreefloos lettertype. Ook glans van het beeldscherm of een achterliggende afbeelding met patronen kan het contrast verlagen, zelfs als de contrastratio technisch voldoende is. De oplossing is niet alleen een hogere contrastratio, maar ook een minimaal 16px lettergrootte, een regelafstand van 1,5 en het vermijden van tekst over drukke foto's. Test daarnaast met een hulpmiddel dat ook de perceptie van kleurenblindheid simuleert, want rood-groen contrast kan voor 8% van de mannen onvoldoende zijn.

Hoe maak ik een lange handleiding op mijn website toegankelijk zonder dat ik alles opnieuw hoef te schrijven?

U hoeft de inhoud niet te herschrijven, maar wel de structuur. Begin met een inhoudsopgave die werkt als springlinks: elk hoofdstuk krijgt een ankerpunt. Zet de titels in een logische hiërarchie (H1 voor de hoofdtitel, H2 voor secties, H3 voor subsecties) zodat een schermvoorlezer een overzicht kan genereren. Verdeel lange alinea's in behapbare blokken van maximaal vijf zinnen. Voeg tussenkopjes toe op plaatsen waar de tekst over een ander onderwerp begint. Voor tabellen en lijsten gebruikt u de juiste HTML-tags, niet alleen opsommingstekens. Zet definities van moeilijke termen in een aparte woordenlijst of gebruik een tooltip. Belangrijk is ook dat u niet alleen visuele aanwijzingen zoals "zie onder" gebruikt, maar een echte link die naar die sectie springt. Op deze manier blijft de handleiding leesbaar voor mensen met een cognitieve beperking of een tijdelijke concentratieprobleem.

Een bezoeker met een motorische beperking kan met een toetsenbord niet door mijn menu navigeren. Wat is de meest voorkomende oorzaak?

De meest voorkomende oorzaak is dat het menu is opgebouwd met JavaScript-hover-effecten. Wanneer een submenu alleen verschijnt als de muis boven een item staat, kan een toetsenbordgebruiker dat submenu nooit openen. Er zijn wel technieken om dit op te lossen: gebruik CSS :focus in plaats van :hover, of voeg een toetsenbordtoegankelijke toggle toe die werkt met de Enter- of spatiebalk. Een tweede veelvoorkomend probleem is dat de tab-volgorde niet logisch is, bijvoorbeeld wanneer elementen buiten het zichtbare scherm staan maar toch in de tabvolgorde zitten. Controleer of de tab-index correct is ingesteld en of er geen elementen zijn met tabindex="-1" die onbedoeld focus nemen. Daarnaast zijn er valkuilen met dropdowns die automatisch sluiten wanneer de focus naar een volgend item gaat. Een goede test is om de site volledig te bedienen zonder muis: elke knop, elke link en elk formulierveld moet bereikbaar zijn met de Tab-toets en bevestigd worden met Enter of spatie.

Ik heb een video met ondertiteling, maar wordt daarmee ook voldaan aan de toegankelijkheidseisen voor doven en slechthorenden?

Ondertiteling dekt slechts een deel van de behoefte. Standaard ondertiteling toont gesproken tekst, maar mist vaak geluiden die van belang zijn voor het verhaal, zoals een telefoon die overgaat, een deur die dichtslaat of een alarmsignaal. Voor doven en slechthorenden is er een aparte vorm: doventolking of auditieve beschrijving. Dit houdt in dat er tekst verschijnt die niet-gesproken geluiden beschrijft, bijvoorbeeld "[telefoon rinkelt]" of "[stem klinkt boos]". Daarnaast is er nog een andere laag: een audiodescriptie voor blinden en slechtzienden. Daarbij wordt een tweede audiostroom toegevoegd die vertelt wat er op het scherm te zien is, zonder de dialoog te onderbreken. Voor een video die volledig toegankelijk is, moet u dus drie dingen leveren: ondertiteling (voor slechthorenden die gebarentaal niet gebruiken), doventolking (voor diegenen die wel gebarentaal gebruiken) en audiodescriptie (voor blinden). Of u alle drie moet aanbieden hangt af van uw doelgroep en de wettelijke eisen die voor uw sector gelden, maar voor publieke instellingen is het vaak verplicht.